‘Ik heb het liever over onderwijsplezier’ - in gesprek met het onderwijscollectief van de Vrije Universiteit
- 8 hours ago
- Claartje Chajes
- 1
- 39
Academisch inspirerend onderwijs geven kan niet iedereen. Steeds meer Nederlandse instellingen bieden ook hoogleraarschap aan voor wetenschappers die wél uitblinken dankzij hun didactische kwaliteiten. Om dit proces van erkenning en waardering verder te verstevigen, is aan de VU een onderwijscollectief opgericht. Leden Yvette Taminiau en Elza van Deel zijn enthousiast en lichten toe.
Tekst interview: @claartjechajes
Wat is en wat doet een onderwijscollectief?
Elza van Deel: ‘Het is een groep al wat verder gevorderde wetenschappers die de positie van onderwijs binnen de VU bestendigt. We komen eens in de twee maanden bij elkaar om kennis uit te wisselen, mentoring en ervaringen te delen. We leggen bijvoorbeeld ook implementatieplannen van Erkennen & Waarderen van de faculteiten naast elkaar, om te zien hoe zaken die in de ene faculteit misgaan elders zijn opgelost. Of welke logica men gebruikt om een oude situatie in stand te houden, hoe we die kunnen helpen doorbreken.’
Yvette Taminiau: ‘En we spannen ons in voor een kwalitatieve mindset voor het beoordelen van onderwijskwaliteit. Op dit moment werken we aan een visie. We hebben eerst veel ervaringen uitgewisseld en elkaar leren kennen. We onderzoeken de mogelijkheden om gezamenlijk tot een stevige stem over onderwijs binnen de universiteit te komen. Zodat we een serieuze gesprekspartner kunnen zijn voor het College van Bestuur. In die zin zijn we een lobbyorgaan. We zijn bij elkaar gebracht door Janneke Waelen, directeur van het VU Teaching and Learning Centre. Zij onderneemt geweldige stappen.’
vlnr met de klok mee: @claartjechajes, @elzavandeel en Yvette Taminiau
Welke thema’s zijn het meest wezenlijk in jullie gespreken?
Van Deel: ‘Erkennen & Waarderen, daar komt het allemaal op neer. In theorie staat dat hele programma redelijk op de rails, in de praktijk komt het nog heel wisselend tot uiting. Het is een mooi gegeven, dat wordt anders geïnterpreteerd op verschillende plekken. Bij Amsterdam UMC zie je bijvoorbeeld dat onderwijs officieel een even belangrijke pijler is als onderzoek en zorg. Maar die laatste twee krijgen nog heel vanzelfsprekend veel meer aandacht.’
Taminiau: ‘We benoemen ook op welk vlak de onderwaardering ligt. De zorgzame kant van ons werk wordt bijvoorbeeld vaak onderschat. Als je bevlogen bent, is het niet zo dat je een college afdraait en dan naar huis gaat. Je bekommert je om het wel en wee van je studenten, bent je ervan bewust dat je investeert in de toekomst.
Waar ondervinden jullie nog veel wrijving met je expertise voor onderwijs in huidige academische de praktijk?
Taminiau: ‘Management Teams worden vaak gevormd door onderzoekers, die hebben vanuit hun eigen perspectief heel hard gewerkt aan toppublicaties met de daaraan gekoppelde status. Veel onderzoekers vinden het onterecht als je met ‘zoiets makkelijks’ als onderwijs promotie maakt. Er zit een bepaalde angst onder. ‘Straks wordt iedereen ineens onderwijs hoogleraar en is alles makkelijk’. Dus kleuren ze nieuw beleid fanatiek in met hordes en drempels van cursussen en competenties om te voorkomen dat het te makkelijk gaat. Voor je het weet zit je alsnog in een schaap met vijf poten achtige situatie.’
Van Deel: ‘Het komt nog volop voor dat leidinggevenden ook van wetenschappers met een onderwijsprofiel verwachten dat ze voor toppublicaties zorgen. Zoals elke emancipatie, is het een proces in golven. Toen vrouwenkiesrecht begon, waren het de mannen die moesten beslissen dat vrouwen mee konden doen. Nu zijn het de onderzoekers die over de onderwijsspecialisten moeten beslissen, daarom gaat het niet op de manier die je vanuit rationele overwegingen zou verwachten.’
‘In onze Talent Appointment commissie zijn dit jaar expres mensen met een onderwijsprofiel aangesteld. De inbreng van hun perspectief gaat natuurlijk helpen. Het is een sneeuwbaleffect en we staan nog een beetje aan het begin, maar ik heb echt goede hoop.’
Wat doet het met jullie als je neerbuigende terminologie over onderwijs hoort bij collega’s?
Taminiau: ‘Ik neem de negatieve termen zelf nooit in de mond. Ik heb het liever over onderwijsplezier.’
Van Deel: ‘Ik kan me ergens wel voorstellen waar termen als ‘corvee’ of ‘onderwijslast’ vandaan komen. Met de verplichting aan iedereen om onderwijs te geven, gaan we ervan uit dat iedereen dat kan. Dat is niet zo. Het is een talent en een drive die niet iedereen is gegeven. Ik kan dat soort mensen niet vragen om vol enthousiasme over hun colleges vertellen.’
Taminiau: ‘Tegelijkertijd vind ik het moeilijk om mensen zonder dat talent te ontzeggen van deze taak, het zou jammer zijn als de studenten niet in aanraking komen met toponderzoekers.’
Van Deel: ‘In een ideale wereld zou het fantastisch zijn als iedereen kan doen wat hij leuk vindt en we tegelijk voldoende mensen beschikbaar hebben voor wat nodig is. Ik ben bang dat mensen in de praktijk onderwijs gaan vermijden. Onze studenten hebben de experts wel nodig.’
Maar is het beeld dat je schetst van een expert op de academie niet te nauw? Je zou ook -gechargeerd- kunnen stellen dat onderzoek consumerend en individueel georiënteerd is en onderwijs sociaal wederkerig en duurzaam. Met een beeld als dit in het achterhoofd, kan onderwijs niet een veel eervollere allure krijgen?
Van Deel: ‘Ja, dat is waar we met het collectief naar streven. Ik ben ervan overtuigd dat we over tien jaar weer heel veel stappen in die richting hebben gezet. We zijn er gewoon nog niet. Het doel is dat het geen vergelijking meer tussen onderwijs en onderzoek wordt gelegd en dat ze beide een van de gerespecteerde pilaren van de universiteit zijn.’
Elza van Deel is Universitair Docent onderwijsinnovatie bij Amsterdam UMC. Ze begon ooit als onderzoeker hart en vaatziekten ‘een diehard lab-nerd’ en ontdekte al gaande haar plezier in en talent voor onderwijs. Acht jaar geleden verliet ze de universiteit echter vanwege gebrek aan ontwikkelmogelijkheden. De nieuwe positie UD onderwijsinnovatie bleek op haar lijf geschreven en sinds twee jaar is ze terug. Ze ziet dat er veel ten goede is veranderd sinds haar vertrek. ‘De mindset is echt anders. Er zijn carrièrepaden gemaakt, subsidies beschikbaar, in de hogere regionen is men zich bewust van de disbalans, in jaargesprekken kont het aan bod. Toen ik zes jaar geleden vertrok zag werkelijk iedereen onderwijs nog als corvee, inmiddels telt het steeds meer mee.’
Yvette Taminiau is Universitair Hoofddocent Organisatiewetenschappen aan de VU. Ze maakte zich persoonlijk hard voor haar promotie. Dat lukte pas na uitgebreide verslaglegging over wat ze in een langere periode had bereikt. Vervolgens won ze met datzelfde betoog in 2023 de Van Duijn Schouten onderwijsprijs. Ze initieert sinds tien jaar een alumni-event voor kennismaking tussen masterstudenten en de werkpraktijk. Ook organiseert ze intensieve samenwerking voor onderzoeksprojecten tussen haar studenten en het bedrijfsleven en initieerde een mentoringproject voor studenten met een bi-culturele achtergrond op de Zuidas. ‘Als ik terugkijk was het makkelijker geweest als de activiteiten die ik ontplooide deel waren geweest van het jaargesprek. Er bestond niets over in UFO. Waar ik energie van kreeg paste nergens tussen, ik deed het omdat ik het leuk en belangrijk vond. Uiteindelijk heb ik pas heel laat kunnen oogsten. Gelukkig is dankzij Erkennen & Waarderen op het vlak van ontwikkelen steeds meer mogelijk.’
*Het onderwijscollectief neemt deel aan een landelijke uitwisselgroep over Erkennen & Waarderen voor onderwijsprofessionals op communityplatform RRview. Wil jij ook aanhaken of op de hoogte blijven van ontwikkelingen? Neem hier een kijkje.
Comments
Wat een mooi interview!